Training Husky's

Het trainen met Siberian Husky’s is een langdurige en tijd en geld rovende zaak. Als men al over een lopend team beschikt is het eenvoudiger om de jonge honden in te breken. Zo vanaf 4 maanden mogen de pups tijdens een training de laatste kilometer los meelopen. Verbazend is dat zij zich dan al aanpassen aan het team, zij proberen tussen de andere honden in te dringen en passen zich helemaal aan het team aan. De grote honden vinden dit uitgezonderd de leiders prima en schikken zich in. De leiders echter wensen geen meelopers in de buurt en dit wordt met gesnauw verholpen.

In de zomer kan er niet veel in teamverband worden getraind. De honden hebben dan veel last van de warmte en kunnen snel oververhit raken met alle nare gevolgen van dien, kortom boven de vijftien graden heeft een training weinig zin omdat er dan iet gericht getraind kan worden.                       De trainingen beginnen rond oktober en beginnen met kracht training. Een zware kar met twee personen erop, auto banden er achter of  wandelen of fietsen met de hond die dan een autoband meetrekt, de spieren ontwikkelen is in deze fase het belangrijkste van de training want geen goed ontwikkelde spieren geven later in het seizoen ongetwijfeld blessures.

Deze vorm van training duurt tot eind november. Waar de afstand van een tot enkele kilometers uitgebreid wordt. Algemeen geldt dat een team ongeveer twee derde van de wedstrijd afstand moet trainen. Deze training heeft een frequentie van vier tot vijf maal per week. Wijzelf hielden een schema aan dat ook een marathonloper gebruikt.    

Vanaf eind november begonnen we met snelheidtraining. Dus de afstand weer inkorten maar dan alles in galop, dus draf is dan niet meer toegestaan. De afstand kon altijd redelijk snel uitgebreid worden (afhankelijk van de temperatuur) tot de gewenste afstand bereikt was. Wel lasten we om de vijf a zes snelheidtrainingen een zware wandeltraining in om te voorkomen dat de honden zouden verzuren.

Toen we lange afstandwedstrijden gingen lopen werden de honden meer getraind op een snelle draf, waar mogelijk een galop. De afstanden werden verhoogt van 25 tot 45 kilometer per training, drie tot viermaal per week. Deze afstanden lijken fors, maar een wedstrijddag bestond vaak uit 50 tot 100 kilometer en dat in het hooggebergte drie weken lang. De honden hadden geen problemen met deze afstanden (mede dankzij een goede krachttraining). De training voor deze afstanden eisten wel een langere trainingstijd dus moest er vroeger in het jaar begonnen worden op het koudste moment van de dag dus ’s nachts.

Tussen de wedstrijden door wordt er alleen op een woensdag  getraind en dan alleen een soort speeltraining. Dit is in het kort en in vogelvlucht de training van een in de top meedraaiend sledehonden team.

Toen wij echter  in 1968  met de sledehondensport in aanraking kwamen speelden er heel andere zaken.

Er waren in Nederland hoogstens drie sledehondenteams, in Duitsland en Frankrijk hier en daar een  verdwaalde Siberian en in Zwitserland niet meer dan een tiental sledehondenteams bestaande uit Samojeden, Siberians, een enkele Groenlander en iemand met Akita Inu’s .

Wat wisten we van de sledehondensport? Dat is duidelijk, helemaal niets!

Er waren wel een aantal Samojeden en nog minder Siberians in Nederland, maar die werden voornamelijk als huishonden gehouden. Er waren wel  mensen die met Siberians trainden maar die waren verscholen en waren er verder weinig tot geen contacten. Deze teams waren in het bezit van voornamelijk piloten en stewardessen van de KLM die op Alaska vlogen, daar in aanraking waren gekomen met de sledehondensport en  enkele honden hadden geďmporteerd.

Een van deze stewardessen woonde in Noordwijk en had een zestal Siberians, waarmee zij af en toe op het strand liep de honden voor een kart zonder motor. Dit had op een aantal mensen aantrekkingskracht voornamelijk bezitters van Samojeden, waaronder ook wij. Dit leidde tot een contact en de honden mochten wel eens met haar meelopen. Dit werd bekend via de Samojedenclub en er waren meer mensen die hier belangstelling voor hadden.

Het resultaat was dat er iedere zondagmorgen op de parkeerplaats van  Hotel “De Seinpost” achter de boulevard zich een aantal mensen verzamelden met sledehonden. Om 11.00 uur werd er gekeken hoeveel honden er waren (dat was nooit gelijk) en werden er een x aantal lijnen aan elkaar geknoopt, zoveel als er honden waren. Vervolgens werd er bekeken hoeveel reuen en teven er waren en die werden dan om en om aan de lijnen geknoopt. De reuen konden niet naast elkaar staan want die vochten als leeuwen.

Vervolgens liep dit span, soms wel twaalf honden voor de kar over de boulevard naar het strand. Iedere hond werd ook door de eigenaar vast gehouden met een lijn, nog steeds om het vechten te voorkomen. Eenmaal op het strand aangekomen werd deze boel nog een keer uit de knoop gehaald, want de beste beesten en mensen wisten absoluut niet waar ze mee bezig waren. Vervolgens werd er door de persoon op de kar “Mush”geroepen en deze hele colonne zette zich in beweging richting Zandvoort. Ik kan me nu niet meer voorstellen hoe dit er uit gezien moet hebben ( twaalf honden twee aan twee voor een kar waar iemand op zat die Mush, Mush riep en evenveel mensen die daar naast holden) maar bekijks trokken we wel. Als er een hond was die een beetje normaal deed mocht deze van de lijn af, maar de baas holde nog wel mee. Deze colonne rende zo’n drie kilometer richting Zandvoort en dan keren en terug. Na afloop hadden we nog net puf om naar restaurant “de Landbouw” te lopen voor een bak koffie en nabespreking.

Na een jaar kwamen er wat te veel honden en gingen we kleinere karretjes bouwen waar dan altijd dezelfde honden voor kwamen te staan. Mijn twee Samojeden kwamen samen met de drie Samojeden van Nel Schouten voor een karretje. We konden nu wat gerichter trainen en kregen ook meer contact met mensen die er wat meer vanaf wisten.

In 1970 hadden we onze eerste sneeuwwedstrijd in Unteriberg (Zwitserland) alwaar zich de hele Europese sledehonden scčne zich verzamelde (totaal 20 spannen)..

De sleden die daar gebruikt werden waren ook van pionier kwaliteit, dat varieerde van een omgebouwde aardappelkist tot metalen gelaste apparaten en alpine ski’s waarop met hout een soort hondenslede was gemaakt.

Mijn sledehonden carričre was geboren.